In het advies ‘Gelijkwaardigheid als Grondwettelijke Opdracht. Ongelijkheid tussen Europees en Caribisch Nederland doorbroken’ analyseert de NCDR de ongelijkheid tussen beiden delen van Nederland. Op basis van deze analyse komt de NCDR met het advies om vanuit beleid met een ander normenkader naar Caribisch Nederland te kijken. Vervolgens doet hij zeven concrete aanbevelingen om die de ongelijkheid van Caribisch Nederland moeten doorbreken. Deze aanbevelingen liggen onder andere op het terrein van bestaanszekerheid, gezondheidszorg, onderwijs en connectiviteit. Lees hier het advies in het Engels of in het Papiamentu.
Rabin Baldewsingh, Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme:
Gelijkheid is geen abstract beginsel. Het is een opdracht die verankerd is in artikel 1 van onze Grondwet en die de Nederlandse Staat verplicht om iedere inwoner, ongeacht woonplaats, gelijke bescherming, gelijke rechten en een gelijkwaardig voorzieningenniveau te bieden. Die opdracht is helder. De uitvoering ervan is dat niet.
Voor en met de mensen zelf
Het advies is nadrukkelijk tot stand gekomen in samenspraak met de bevolking van Caribisch Nederland. De NCDR heeft de afgelopen jaren diverse bijeenkomsten en inspraaksessies georganiseerd met en op de Caribische eilanden. Eind vorig jaar organiseerde hij een grote conferentie op Bonaire waarin burgers, grassroots, het maatschappelijk middenveld en politiek vertegenwoordigd waren.
Met een nieuwe blik kijken van beleid
De NCDR formuleert vier principes die de basis moeten vormen voor beleid:
- Constitutionele gelijkheid moet niet alleen op papier bestaan, maar in de politiek, het bestuur en het dagelijks handelen als vanzelfsprekend worden beleefd.
- Maatwerk is de uitzondering, alleen gerechtvaardigd als het voortkomt uit het gelijkheidsbeginsel, en nooit als excuus om gelijkwaardigheid uit te stellen.
- De Nederlandse staat heeft een zorgplicht: niet alleen om niet te discrimineren, maar ook om actief bij te dragen aan gelijkwaardigheid en zelf geen drempel te vormen.
- Het koloniale en slavernijverleden moet worden erkend als de context waarin de huidige ongelijkheden zijn ontstaan, en als onlosmakelijk onderdeel van de weg vooruit.
Rabin Baldewsingh:
De kennis is aanwezig. De signalen zijn duidelijk. De urgentie is onmiskenbaar. Wat ontbreekt, is een consequente en afdwingbare vertaling van het gelijkheidsbeginsel in beleid en uitvoering.
Stel positieve afwijking centraal in de grondwet
De NCDR doet zeven aanbevelingen in het advies, onder andere op de thema’s bestaanszekerheid, gezondheidszorg, onderwijs en connectiviteit, maar bijvoorbeeld ook op het gebied van wet- en regelgeving. De belangrijkste aanbeveling is: herformuleer de differentiatiebepaling (artikel 132a lid 4) uit de Grondwet door positieve afwijking (positieve discriminatie) centraal te stellen in de wetstekst. Dit maakt een einde aan de juridische onduidelijkheid, en legt de nadruk op de oorspronkelijke bedoeling van de bepaling om waar nodig ruimte te bieden voor extra inzet om gelijkwaardigheid te bevorderen.
In lijn hiermee beveelt de NCDR aan om een afdwingbaar gelijkwaardigheidskader voor comply or explain te ontwikkelen, dat geldt voor alle wet- en regelgeving, ook die van voor 2019. En: ratificeer uiterlijk in 2030 alle mensenrechtenverdragen die nu nog niet gelden voor Caribisch Nederland. Een aantal andere aanbevelingen zijn:
- Ontwikkel een Nationaal Programma Sociale gelijkheid en Participatie met een uitvoerende taskforce.
- Vergoed alle kosten bij medische uitzendingen volledig en verklein additionele lasten zoveel als mogelijk.
- Scheld studieschulden kwijt voor eilandskinderen die terugkeren, als onderdeel van een bredere strategie voor braingain.
- Voer een Public Service Obligation (PSO) in voor betaalbaar vliegverkeer tussen de Bovenwindse Eilanden.
Maak een einde aan tweederangsburgerschap
Dit advies doet een dringende oproep: neem het gelijkheidsbeginsel serieus en maak een einde aan het tweederangsburgerschap van inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Niet alles kan morgen zijn opgelost, maar de richting is helder. De verantwoordelijkheid voor gelijkwaardigheid moeten we samen dragen, zoals we dat voor elke gemeente in Nederland doen. Directe actie is mogelijk én noodzakelijk, en begint met het stellen van duidelijke normen.